Geschiedenis van Tsjechië
1620-1918: De vroegere Tsjechische kroonlanden Bohemen en de Noorse Hoogte behoren tot Oostenrijk-Hongarije.
1918: Na de val van Oostenrijk-Hongarije wordt de onafhankelijke staat Tsjecho-Slowakije opgericht. De president van deze eerste republiek was T. G. Masaryk. In 1935 wordt hij opgevolgd door Eduard Benes.
1938: De Sudeten moeten aan het Duitse rijk worden teruggegeven. Benes treedt af en verlaat het land.
1939-1945: Onder militaire druk worden enkele Tsjechische gebieden aan het Duitse rijk overgedragen en Tsjecho-Slowakije verliest de staatsbestaansrechten.
1945: Wederopbouw van de oude staat m.u.v. de Oekraine die dan onder de USSR valt. Benes wordt weer president.
1948: Een staatsgreep dwingt Benes om af te treden. Zijn opvolger wordt de communist Klement Gottwald. De economie en politiek worden volgens Russisch voorbeeld uitgevoerd.
1957: Antonin Novotny wordt president.
1968: Alexander Dubcek wordt de volgende president en leidt een liberale politiek.
1975: Gustav Husak wordt president.
1977: Burgerrechtenbeweging komt op gang.
1989: ‘De fluwelen revolutie’. Veel massademonstraties bewerken de dialoog tussen regering en oppositie. Vaclav Havel wordt tot president gekozen.
1993: Opheffing van de federatie en ontstaan van zelfstandige Tsjechische republiek.
Overzicht
Zoeken
Zoeken binnen novasol.nl
Last-minute vakantiehuizen
Hasle
Vanaf 22-09-2010
Tot 25-09-2010
Slechts 210 EUR
S. Flavia
Vanaf 24-09-2010
Tot 27-09-2010
Slechts 954 EUR
















